Georges Lacambre: de man die België leerde brouwen
Op 30 mei 1884 werd op het Cimétière de Passy in Parijs een man begraven, in een kuil op sectie 1, rij 8 zuid, nummer 3 oost.[1] Deze begraafplaats, tegenwoordig in de schaduw van de Eiffeltoren, ziet eruit zoals we Parijse begraafplaatsen kennen: robuuste grafhuisjes met tierelantijnen, beelden van treurende engelen, en vooral veel sjiek marmer. Hier vond hij zijn laatste rustplaats: Georges Lacambre, de man die België leerde brouwen.



Af en toe maak ik met dit blog een uitstapje over de grens. Met name in het Franse taalgebied, waar nog van alles over historisch bier te vinden is dat aan de aandacht van bierhistorici ontsnapt lijkt te zijn. Zo vond ik iets in het Belgische blaadje La feuille du cultivateur, uitgegeven in Brussel als een ‘journal d’agriculture pratique’, ofwel: blad voor praktische landbouw.
Black IPA? Bier op portvaten? Champagnebier? De brouwers van tegenwoordig blijven maar nieuwe kruisingen van bierstijlen en andere dranken verzinnen, zo lijkt het. Maar het fenomeen dateert van alle tijden. Neem nou de opening van de ‘Taverne Alsacienne’ op de Hoogstraat in Rotterdam op 24 december 1868, waarvoor men adverteerde met het heuse ‘Bock-Ale uit de Brouwerijen van de Heeren Gruber & Reeb, te Straatsburg.’
We vervolgen onze verkenningstocht door
De
En het is weer