Verloren bieren 31 Abdijbier (2)

Vorige week zagen we al dat voor de Franse Revolutie er in België wel kloosters waren die bier brouwden, maar dat was vooral voor eigen gebruik en echt furore maakten ze er niet mee. Vervolgens kwamen de Fransen en werden alle kloosters gesloten. Waarom schrijft dan ene Theo Vervloet, voorzitter van de Belgische Brouwers, in het voorwoord van het boek ‘Abdijbieren’ van Jef van den Steen dat door de eeuwen heen ‘de paters en de monniken de recepten van de door hen gemaakte bieren bewaard hebben’, en ‘aan de volgende generaties overgeleverd’? Omdat wij bierdrinkers dit soort historische prietpraat maar al te graag horen, en de brouwers dus niet zullen nalaten om ons deze kletskoek te verkopen. (meer…)


Verloren Bieren 31- Abdijbier (1)

Ongeveer vijftien jaar geleden kwam al het lekker bier uit België, tenminste als je in Nederland woonde. Eigenlijk alles uit dat land was wel goed, of het nou een Verboden Vrucht was of een Cuvée des Trolls: voor ons bierdrinkers was het algauw omgeven met dat mythische Belgische aura dat ook hangt aan steenwegen met kasseien, legendarisch goede frieten, Waals kolengruis en Luik-Bastenaken-Luik. En het mooiste was dan natuurlijk als het uit een Echte Abdij kwam: kijk maar, er staat Corsendonk Pater op, of Saint-Feuillien, of Abdij van Leffe.  (meer…)


Verloren bieren 30 Peeterman

En nu naar Belgiës grootste bierstad: Leuven. Jawel, die universiteitsstad een half uurtje ten oosten van Brussel, waar de zetel staat van s werelds grootste megabrouwconglomeraat, Anheuser-Busch Inbev. Een bedrijf dat in 1366 begon, geen geintje. (meer…)


Verloren bieren 29 Caves

Na de Uitzet van vorige week blijven we even in België. Want van wie hebben de Belgen het bier brouwen eigenlijk geleerd? Het antwoord vinden we in het erg gedegen, maar voor de leek misschien wat droge boek ‘Het bier van Lier’ van de Belgische historicus Erik Aerts, waarin hij de brouwactiviteiten van dit leuke kleine Vlaamse stadje bekijkt van het einde van de veertiende eeuw tot het begin van de negentiende.  (meer…)


Verloren bieren 28 Uitzet

Tot nu toe hebben we vooral gekeken naar Verloren Bieren uit Nederland. Het is immers bij ons dat al die ouderwetse bovengistende bieren in de vergetelheid zijn geraakt, nadat ze zijn weggeconcurreerd door het pils. Nee, dan België, het openluchtmuseum van het bier, dat zijn lambiek, Vlaams oud bruin, witbier en saison altijd in ere heeft gehouden. Hoewel ook België kent een aantal verloren biersoorten. (meer…)


Verloren bieren 27 Sagobier

En dan nu een biersoort waarvan maar één man het recept kende. Gerrit Hendrik de Veer (1794-1860) was een beurtschipper van Amsterdam op Duisburg, tot hij in 1844 een drijvend badhuis opende op het Rokin, midden in Amsterdam. Hier was dagelijks gelegenheid tot het gebruiken van Warme of Koude Baden van IJwater en men kon er van eene zindelijke en solide bediening verzekerd zijn. Het sjiek ontworpen badhuis, waarvan een mooie bouwtekening bewaard is gebleven, was aanvankelijk een boot en werd enkele jaren later op palen in het water gezet. Maar De Veer, vader van zeven kinderen, zinde op nog een andere activiteit. Bier brouwen natuurlijk. (meer…)


Verloren bieren 26 Zuid Afrika

Terwijl de Verloren Bieren intussen rustig bleven verschijnen op Dossier Hop, was ik een paar weken lang bezig 5000 kilometer door Zuid-Afrika te crossen met een Nederlandse geheelonthouder en twee knappe Baskische vrouwen die enkel kalimotxo (rode wijn met cola) drinken. De prioriteiten lagen dus niet bij bier, maar bij olifanten, watervallen, het ontwijken van overstekende townshipbewoners en het overleven van helse tochten over onverharde bergweggetjes. (meer…)


Verloren bieren 25 Alcoholvrij bier (2): Buckler, dat gereformeerde bier

Endlich Bier trinken zoviel Sie wollen’ Met die slogan bracht de Zwitserse brouwerij Hurlimann uit Zürich begin jaren zeventig zijn alcoholvrij bier ‘Birell’ op de markt. In 1974 kwam het naar Nederland, waar er reclame werd gemaakt met tv-spotjes met daarin brouwer Hurlimann zelf, die klungelig nagesynchroniseerd verkondigde: ‘Een goed bier, dat veel vrienden zal maken. Birell, dat smaakt, dat garandeer ik u.’ Het biertje sloeg nauwelijks aan, misschien omdat het niet lekker was, maar de prijs hielp ook niet: het was duur, omdat het brouwen twee keer zo lang duurde. Enkel in kerkelijke kringen was men enthousiast (Diakonie, ‘het maandblad voor hervormde diakenen’, zette zijn lezers aan propaganda ervoor te maken), en Birell verdween eind jaren tachtig van de Nederlandse markt. Tegenwoordig wordt het in Tsjechië nog wel gemaakt. (meer…)